Het Gucci-effect

Het minimalisme kan naar zolder, in Milaan zegt Gucci het met kleur en glamour. Meer is beter, luidt het nieuwste modegebod. Dat levert ook kandidaten op voor de verkleedkist.

De beste graadmeter voor het succes van een modemerk is de straat, en dan met name het openbare gebied voor de ingang van een modeshow. De shows die de afgelopen vijf dagen plaatsvonden in Milaan – vandaag is de laatste dag van Milan Fashion Week – worden bezocht door de belangrijkste smaakmakers in de modewereld: stylisten, inkopers, journalisten en bloggers. Wat zij dragen, is net zo belangrijk als wat op de catwalk te zien is. Er staan tegenwoordig dan ook net zoveel fotografen op straat voor een showlocatie als binnen, aan de kop van de catwalk.
De bezoekers van de modeshows zijn eensgezind dit seizoen: it’s all about Gucci. Of het nu gaat om een klassieke loafer (al dan niet met parels op de hakken), een in het oog springende ring, een oversized zonnebril met glitters of een handtas met logo, ze dragen bijna allemaal iets van Gucci. De echte fans haal je er gemakkelijk uit. De stijl van hoofdontwerper Alessandro Michele, die begin vorig jaar benoemd werd als creative director, is nogal herkenbaar.
In de toelichting op de collectie die afgelopen woensdag werd gepresenteerd, citeert de hoofdontwerper de Russische schrijver Vladimir Nabokov. Maar zo bijzonder elitair is zijn stijl niet. De belangrijkste ingrediënten zijn een vleugje jarenzeventigromantiek, wat oriëntaalse invloeden, een scheutje Renaissance, een logo hier en daar, een handvol tijgers en slangen en allerlei parels, glitters en andere decoratieve frutsels. Het is niet snel te veel.

Tijdens de show van woensdagmiddag – een spektakelstuk in een loods met diffuus roze licht en een sprookjesachtige sfeer – kwam een bonte verzameling kleren voorbij. Er waren kledingstukken te zien die u waarschijnlijk links zou laten liggen mocht u ze tegenkomen in een verkleedkist op zolder: een hooggesloten jurk met pofmouwen en parels, een jurk van gordijnstof met ruches op schouderhoogte, een witte bontjas met rode Gotische letters.
De uitgesproken, eclectische en licht nostalgische ontwerpen van Michele slaan aan. Dat bewijst niet alleen het straatbeeld tijdens de modeweek. De cijfers zijn ook goed. In het eerste halfjaar van dit jaar steeg de omzet van het luxemerk dat onderdeel is van de Franse Kering-groep met bijna 4 procent tot 1,95 miljard euro. Het succes is ook zichtbaar in het nieuwe Gucci-hoofdkwartier net buiten het centrum van Milaan. Het is een terrein van 35 duizend vierkante meter met daarop een verbouwde vliegtuighangar die is ingericht volgens de nieuwe huisstijl van Gucci. De ontwerpafdeling zit nog steeds in Rome, maar pers en klanten worden hier ontvangen.

Bezoekers van de show

In de showroom ligt rood tapijt, er staan gecapitonneerde kamerschermen en de accessoires liggen in barokke glazen vitrinekasten. Het is een wereld op zich, waarin inkopers op zwarte stoelen in Lodewijk XV-stijl hun orders schrijven. De winkels zijn net zo over de top ingericht; volgens modewebsite Business of Fashion wordt de komende jaren tussen de 650 en 850 miljoen euro uitgetrokken om alle winkels wereldwijd in te richten in de stijl van Michele.
Het Gucci-effect is een term die de afgelopen week in Milaan geregeld viel. Want de invloed van de rijk gedecoreerde mode van Gucci is bij meer merken zichtbaar. Het ziet er allemaal weer wat uitbundiger uit. Daarmee heeft het minimalisme dat in 2008 werd ingezet door Phoebe Philo, hoofdontwerper van het Franse modemerk Céline, definitief zijn langste tijd gehad. In de voet-sporen van Michele mag mode weer glamoureus en decadent zijn.
Neem de collectie van Marina Rinaldi, een Italiaans merk dat is gespecialiseerd in grote maten. Ontwerpster Stella Jean, die ook haar eigen merk runt, heeft een kleurrijke en uitgesproken feestelijke collectie ontworpen voor volgend jaar zomer. Nog een goed voorbeeld van de nieuwe meer-is-meer-esthetiek: de collectie van Roberto Cavalli, ontworpen door Peter Dundas. Een superdeluxe versie van de mode uit de jaren zestig en zeventig. Geen kleding waarvan je steil achterover slaat omdat-ie zo vernieuwend is, maar je blijft er wel naar kijken.

Jurk in de Gucci showroom

De show van Erdem Moralioglu leek wel een 17de-eeuws kostuumdrama, compleet met lange jurken met kant en ruches. Niet geschikt om dagelijks te dragen, wel om bij weg te dromen. Ook de zomermode van de 67-jarige Miuccia Prada – die andere spraakmakende ontwerper in Milaan – past binnen de nieuwe meer-is-meer-esthetiek. Modellen droegen onder meer een pyjama-achtig pak met borduursels, een jurk met een drukke seventies-print in combinatie met een grote ketting, een geruite spencer over een blouse met drukke print.
Veel kledingstukken waren afgewerkt met struisvogelveren. De veren zaten langs de zomen van de rokken, aan de bovenkant van een simpel hemdje en bijna alle sjaals. Het is een rijke collectie. En omdat het werk van Prada niet zo volledig over de top is als dat van Michele, oogt het een stuk moderner. Zo kan het dus ook. Maar goed, als zijn beeld niet zo excentriek was geweest, zou van een Gucci-effect geen sprake zijn.
Het uitgesproken beeld is de basis van het succes. De peperdure kleren – een rok kost minstens duizend euro – en tassen van het merk zijn natuurlijk niet voor iedereen weggelegd. De eclectische Gucci-stijl is dat wel. Dat is gewoon een kwestie van zelf durven en experimenteren. Daar is dankzij Michele weer volop ruimte voor.

Eerder gepubliceerd op 26 september 2016 in de Volkskrant (V katern)

Gerelateerde artikelen:

, , , , , ,