Interview: Carlo Wijnands

Carlo Wijnands (1962) is programmadirecteur van de Amsterdam Fashion Week, die volgende week begint. Binnenkort is hij ook te zien als coach bij het televisieprogramma Project Catwalk.

Tekst: Bregje Lampe
Foto: Harmen de Jong

Carlo Wijnands op de klapstoel

Nijmegen
“Ik heb er tot mijn negentiende gewoond. Nijmegen is een alternatieve studentenstad, katholiek en zwaar gebombardeerd in de oorlog. Allemaal ingrediënten die een stad niet beter maken. Maar ik heb het er wel naar mijn zin gehad.”
“Als puber was ik quasistoer. Ik was new wave, ik had een Tomosbrommer en ik was de eerste met grote Mexicaanse puntlaarzen. In mijn haar had ik een flinke lok waar ik nogal mee dweepte. Vonden de meiden fantastisch. Ik heb drie jaar een vriendinnetje gehad: Hannie, mijn kalverliefde.”

Zussen
“Ik heb drie oudere zussen en een oudere broer. Mijn zussen deden alles voor me. Ik ben een nakomeling. Een klein witblond jongetje met piekhaar. Ik werd vertroeteld. Als ik puntlaarsjes wilde hebben en ik kreeg ze niet van mijn ouders, dan ging ik naar mijn zussen. Er gaf altijd wel iemand toe.”
“Mijn zussen zien er goed uit. De jongste is fan van Bas Kosters, de middelste is psychotherapeut en quasichic en de oudste is casual en kleurrijk. Ze wonen allemaal nog in de buurt van Nijmegen, maar ik zie ze vrij veel. Mijn zussen zijn mijn beste vriendinnen. Volgend jaar word ik vijftig, maar voor hen ben ik nog steeds het kleine broertje.”

Misdienaar
“Ik ben jarenlang misdienaar geweest en ik heb gezongen in een kerkkoor. In Nijmegen gingen toen nog heel veel mensen naar de kerk. Als het aan de pastoor lag, zou de parochie flink groeien. Na iedere zwangerschap stond hij voor de deur om de geboorte van nog meer kinderen te stimuleren. Maar toen mijn moeder zwanger was van mij, heeft mijn vader zijn gepreek verruild voor voorbehoedsmiddelen. Hij is er nooit meer in gekomen.”

Ruud van der Peijl
“We hebben elkaar leren kennen toen we allebei nog op de academie zaten. We hebben het een maand geprobeerd, maar het werd niets omdat Ruud al een vriendje had. En ik ben niet zo goed als derde wiel aan de wagen. Daar heb ik veel te veel ego voor.”
“Nu zijn we alweer tien jaar samen. Ruud is de leukste man die ik ken. Hij maakt me iedere ochtend aan het lachen. Ruud zou het liefst de hele dag in een zware symbiose zitten. Hij vond het heerlijk toen ik vorig jaar voor mezelf begon, omdat ik veel meer thuis was.”
“We zijn een opvallend stel. Ruud is groter en breder dan ik. Ruud zegt altijd: ‘Als er een rits in mijn lijf zou zitten, zou Carlo mij kunnen aantrekken als overall.”

Carlinda
“Ruud verzint voortdurend bijnamen; Carlinda, Carliesbeth, Carlesbiane appeltje, enzovoort. Vroeger vond ik het vreselijk, maar nu ben ik eraan gewend. Zelfs in gezelschap luister ik ernaar.”

Kinderen
“Ik heb een haat-liefdeverhouding met kinderen. Ze vinden mij vaak heel leuk omdat ik ze als gelijke behandel. Ik hou niet zo van dat tatatata-babytaaltje, maar ik vind het wel leuk om ze op te tutten. Toen de kinderen van mijn zussen een jaar of zes werden, heb ik ze allemaal bergen make-up gegeven. En dan smeerde ik ze helemaal onder. Het dochtertje van mijn neefje heb ik wel eens meegenomen naar de Fashion Week. Ik had haar helemaal in de make-up gezet en haar haren getoupeerd. Heel geestig, vond ik, zij leek net een mini fashion victim.”
“Ik zou geen kinderen willen, maar Ruud en ik hebben het er wel over gehad. Ruud wilde op een gegeven moment heel graag een kind, maar sinds we op driehoog wonen, is die kinderwens verdwenen. Je denkt toch drie keer na als je iedere dag met een Maxi-Cosi de trap op moet. Daar ben ik wel blij om. Ik wilde een poes, maar dat vindt Ruud niets. We hebben de oplossing gevonden in een opgezette poes.”

Inloopkast
“Ik ben heel georganiseerd. Tijdens de modeweek hang ik van tevoren voor iedere dag al mijn outfits klaar. Dit keer neem ik misschien wat mee naar het Westergasfabriekterrein, want ik kan niet meer zo makkelijk naar huis tussen de shows door. Misschien zet ik wel een caravan op het terrein, bij wijze van inloopkast.”

Arnhem
“Ik wilde per se naar Arnhem, daar zit dé modeacademie. Ik heb nog steeds profijt van mijn studie in Arnhem. Na mijn studie heb ik een aantal eigen collecties gemaakt en ik heb in Parijs bij Jean-Paul Gaultier gezeten. De laatste tien jaar heb ik designers ondergebracht bij bedrijven en portfoliotraining gegeven op verschillende academies, sinds vorig jaar werk ik zelfstandig als fashion consultant.”

Fashion Week
“De eerste keer ging ik met Ruud mee, toen kende ik helemaal niemand. Dat is nu een jaar of zeven geleden. Ik denk dat de Fashion Week een bindende rol heeft gespeeld in het Nederlandse modewereldje. Ik heb alle edities gezien en ik ben altijd heel kritisch geweest, daarom hebben ze me ook gevraagd. Nu ik aan de andere kant sta, zal ik de kritiek wel snoeihard terugkrijgen.”
“Dit is een editie met veel nieuw talent, ik ben blij met wat ik kan laten zien. Maar de organisatie van het programma is ingewikkelder dan ik in eerste instantie dacht. Er zijn heel veel ontwerpers die willen showen, maar die hebben meestal geen geld. Bekende designers zijn makkelijk te koppelen aan een sponsor maar de onbekende niet. Het is daarom ook de eerste editie waar men kaarten voor kan kopen, via de website.”

Mister Elegant
“Dat is een bijnaam die mijn vriendin Josta me gaf omdat ze me zo goed gekleed vindt. Natuurlijk ben ik daar blij mee. Ik hou van mooie kleren, niet van hippe kleren. Mijn stijl is die van een rock-’n-roll dandy. Ik weet nog niet wat ik naar de openingssoirée aantrek. Misschien een lange rok.”
“Ik draag vaak hakken, maar ik ben geen vent op damesschoenen. Ik denk dat veel mensen niet eens doorhebben dat ik ze draag, want ze zijn nooit hoger dan vijf centimeter. Dat gaat net, Ruud is zeven centimeter langer.”

Roken
“Ik wil altijd stoppen, maar de laatste keer kwam ik veertien kilo aan. Ik ben weer gaan roken toen ik uit mijn broek scheurde terwijl ik bukte om iets op te rapen en de knopen van mijn overhemd sprongen toen ik ging zitten. Ik heb een heel klein hoofd en lange benen, veertien kilo’s extra staan mij niet zo fraai.”

Project Catwalk
“Ja, ik zit erin als coach. De opnames beginnen binnenkort, en het wordt in september uitgezonden. De makers willen dat het dit keer meer over het vak gaat en dat het minder het karakter van een reallifesoap krijgt. Daar kan ik me wel in vinden. En ik vind het leuk dat Stacey Rookhuizen het programma gaat presenteren.”
“Dat neemt niet weg dat een gedeelte van de modescene het vast nog steeds verschrikkelijk vindt dat ik dit ga doen. Te plat, te commercieel, te weet ik wat. Maar daarom vind ik het juist zo leuk. Want dat ik ook betrokken ben bij het Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst wil niet zeggen dat ik me te goed voel voor een commercieel televisieprogramma. Dat vind ik een ouderwetse en overdreven elitaire houding. Die hele verdeling tussen hoge en lage cultuur is niet meer van deze tijd.”

Twitter
“Ik heb geen idee wat voor bekendheid het optreden in Project Catwalk met zich mee gaat brengen, maar nadat het persbericht over mijn aanstelling bij Fashion Week de deur was uitgegaan, kreeg ik er driehonderd volgers bij op Twitter. En dat terwijl ik bijna nooit iets post. Die arme schatten die mij volgen, hebben daar dus helemaal niets aan. Ik zie het nut van Twitter niet zo. Bovendien vind ik het heel lastig om in een korte zin to the point te komen.”

Groen
“Ik ben heel erg van de plantjes. Voordat ik ging samenwonen met Ruud had ik een benedenhuis met een supermooie tuin. Die tuin zag eruit als een oerwoud, met allemaal bomen. Nu staat het hele balkon vol bloemen en planten. Ik vind het heerlijk om die te verzorgen, maar ik zou geen volkstuin willen. Dat doet me te veel aan de camping denken. En campings vind ik heel verschrikkelijk; dat zijn kinderparadijzen, met overal lelijke stoelen en barbecues. Ik heb een hekel aan barbecueën.”

Cultuurbezuinigingen
“Tja. We zijn overgeleverd aan de stem van het volk, en het volk heeft schijt aan cultuur. Zonde. Natuurlijk bieden de bezuinigingen ook nieuwe kansen en mogelijkheden, maar ik vind het jammer dat een systeem dat heel langzaam en zorgvuldig is opgebouwd, in een paar jaar tijd wordt afgebroken. Ga lekker op defensie bezuinigen.”

Frans Lomans
“Geen idee. Ik lees de Nieuwe Revu nooit, ik heb het altijd zo’n uitgesproken heteroblad gevonden. Tot mijn verbazing kwam Ruud er laatst mee thuis. Niet mijn ding.”

Eerder gepubliceerd op 9 juli 2011 in Het Parool (de Klapstoel)

Gerelateerde artikelen:

, , ,