Interview: Peter Jeroense

Mode-illustrator Peter Jeroense heeft zijn beste werk gebundeld in een eigen krant. Zijn tekeningen hangen vanaf vandaag een week in de etalage van het Athenaeum Nieuwscentrum op het Spui.

Tekst: Bregje Lampe
Foto: Johannes Abeling

Peter Jeroense

‘Ik ben nog lang niet dood, het is nog te vroeg om een boek uit te geven, ” aldus Peter Jeroense toen zijn agentschap Unit CMA hem vorig jaar aanbood een publicatie te verzorgen. “Zij dachten direct aan een boek, maar ik heb het idee dat ik nog te veel midden in een proces zit om nu al zoiets definitiefs te publiceren. ”
Peter Jeroense (Rotterdam, 1966) is mode-illustrator. Volgens tijdschrift Archive, dat ook ooit werk van hem heeft gepubliceerd, behoort Jeroense tot de tweehonderd beste illustratoren ter wereld. Hij verzorgt sinds 2002 maandelijks een vaste pagina in Elsevier Thema, hij tekent het silhouet van het seizoen voor Fantastic Man en zijn werk werd gepubliceerd in Blvd, Elle en Volkskrant Magazine.
“Toen ik bedacht in welke vorm ik mijn werk het liefst zou willen gieten, kwam ik op een krant uit. Ten eerste omdat mijn werk zich uitstekend leent om groot afgebeeld te worden. Ten tweede omdat een krant net zo vergankelijk is als de mode. Die vergankelijkheid maakt het tegelijkertijd exclusief: een modecollectie is maar een half jaar te koop, een krant is zelfs maar één dag te koop.”
Zijn eerste publicatie, Opposter Volume 1, werd een half jaar geleden tijdens de Arnhem Mode Biënnale verkocht. Opposter Volume 2, de uitgave die vandaag verschijnt, is een – groter – vervolg op die publicatie: Jeroense bezet vanaf vandaag een week de etalage van het Athenaeum Nieuwscentrum op het Spui en Opposter Volume 2, zijn werk wordt binnenkort verkocht bij Colette in Parijs, één van de meest toonaangevende winkels ter wereld.
Met de mode van dit moment heeft zijn uitgave overigens weinig te maken, haast Jeroense zich te zeggen. De illustraties heeft de mode-illustrator door de jaren heen gemaakt; de oudste tekening is van 2001, de meest recente van 2006. “Ik selecteer de beelden die mij nog steeds bevallen, waar ik geen greintje ergernis bij voel,” aldus Jeroense.

illustratie van Peter Jeroense

Peter Jeroense studeerde in 1988 cum laude af aan de Willem de Kooning Academie in Rotterdam, zowel in modevormgeving als in illustreren. Daarna begon hij met Anja Koops modemerk Ell=Bell; de merknaam was een verwijzing naar het androgyne pseudoniem van Emily Brontë. De kleding van Ell=Bell kreeg volop aandacht van de internationale modepers, het label viel op door het grafische karakter en de uitvergrote details – kenmerken die nu nog voor het werk van Jeroense gelden.
Vanwege geldproblemen – subsidie was voor een modeontwerper toen niet zo vanzelfsprekend – zagen Koops en Jeroense zich in 1991 genoodzaakt te stoppen. Vervolgens ontwierp Jeroense voor So by Alexander van Slobbe, gaf hij les op de kunstacademie, was hij moderedacteur van Blvd en werkte hij als stylist voor diverse tijdschriften.
“Ik heb alles geprobeerd, maar in 1999 heb ik besloten dat illustreren ideaal is voor mij, het is alles in één. Je kunt je eigen kleding kiezen, je eigen styling doen en je eigen modellen en locatie kiezen. Mode ontwerpen is toch een heel ander verhaal. Voor je het weet, loopt in de supermarkt iemand in je kleding op een manier die je niet bevalt. ” Nee, dan liever één van zijn posters uit deze uitgave in een willekeurig huis aan de muur.
“Bij het neerzetten van een modebeeld komt ervaring in de modewereld goed van pas. Ik heb op zo’n beetje alle vlakken in de mode gewerkt, dus ik weet bijvoorbeeld wat een redacteur verwacht. Wat dat betreft heb ik veel profijt van de dingen die ik hiervoor heb gedaan. ” En dat geldt niet louter voor zijn ervaring als professioneel redacteur, stylist en ontwerper; ook met ervaringen uit zijn privéleven doet Jeroense tegenwoordig zijn voordeel.
“In eerste instantie draait het allemaal om inzicht in de mode. Ik heb het idee dat ik dat vrij snel had. Ik raakte al op jonge leeftijd gefascineerd door de mode. Als jongen had ik een nogal meisjesachtige uitstraling, met een fragiele bouw en vrouwelijke gelaatstrekken. Door kleding kon ik bevestigen dat ik anders was dan anderen, en dus ging ik me bewust heel androgyn kleden, ” aldus Jeroense.

Ik blijf altijd met de hand tekenen’

Illustratie van Peter Jeroense

‘Spelen met een imago is een belangrijk onderdeel van de mode, ik doe dat al van jongs af aan. De scherpe blik waarmee ik nu naar de mode kijk, is vergelijkbaar met de scherpe blik waarmee ik vroeger door de zwaar protestanten in mijn woonplaats Alblasserdam werd aangekeken. ” Zijn blik is de laatste acht jaar zelfs nog scherper geworden. Peter Jeroense is er de man niet naar om kokette dametjes gekleed volgens het laatste modebeeld op papier te zetten.
“Mijn tekeningen zijn geen modieuze plaatjes, ik zet een duidelijk silhouet neer. Maar ik kies óók voor kleding met eeuwigheidswaarde, ” zegt Jeroense. Hij schetst liever een simpel overhemd dan een blouse met tierelantijntjes, net zoals hij liever een karakteristiek gezicht dan een doorsnee mooi meisje portretteert.
Peter Jeroense werkt bijna uitsluitend in zwart-wit. “Ik denk wel eens na over kleur, maar ik heb het idee dat ik in zwart-wit net zoveel kan vertellen. Laten we het erop houden dat ik nog niet aan kleur toe ben. ” Jeroense noemt zichzelf een ‘ lijntekenaar’, wars van Photoshop en ander digitaal gehannes.
“Ik zal altijd met de hand blijven tekenen. Ik gebruik hoogstens een kopieerapparaat, en dan liefst zo’n ouderwetse, omdat die een mooier effect geven. Maar goed, om de verzending van mijn illustraties makkelijker te maken, scan ik wel eens wat. En voor deze uitgave heb ik zelfs gebruik gemaakt van Photoshop, om te zorgen dat het zwart écht zwart is.”
Hoewel de illustratie dankzij Wallpaper – dat in 1996 met een buitengewoon krap budget begon en in illustraties een goedkope manier vond om het luxueuze moderne leven uit te beelden – uit het verdomhoekje is geraakt, is er volgens Jeroense nog veel te winnen. “De mode-illustratie wordt nog steeds niet op waarde geschat. Het zijn vooral de adverteerders die het genre niet op prijs stellen. En geld is nou eenmaal de grootste macht in de modebranche. Adverteerders willen dat hun producten ook in de rest van het blad goed zichtbaar zijn. Alsof de afzonderlijke kledingstukken zo goed zichtbaar zijn op die modefoto’s van nu, ” schampert Jeroense.

Om te bevestigen dat ik anders was, ging ik me androgyn kleden’

Illustratie van Peter Jeroense

“Daarnaast is het idee van een tekenaar die thuis achter zijn bureau een paar schetsen maakt, lang niet zo glamourous als een team met stylisten, modellen, fotografen en assistenten dat op een exotische locatie de laatste mode in beeld brengt. De mode is bij uitstek een wereld van make-belief en tijdschriften mogen graag dwepen met dat soort plaatjes. ”
“Ik heb het idee dat de modeontwerpers steeds beter worden, maar voor veel modetijdschriften geldt het tegenoverstelde. Het is ook heus niet makkelijk voor een redactie als ze aan alle kanten restricties opgelegd krijgt. Zo laten de meeste merken zich tegenwoordig niet meer lukraak combineren met een ander merk. Een blouse van Lanvin in combinatie met een rok van Balenciaga, dat is not done in de ogen van veel adverteerders. Als illustrator heb je met dat soort eisen niets te maken, maar er zijn nog maar heel weinig tijdschriften die het aandurven de modereportages te laten illustreren. ”
Onlangs kreeg Peter Jeroense subsidie toegekend van het Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst. “Ik teken genoeg, maar ik wil art directors meer confronteren met mezelf en mijn product. Niet alleen in Nederland, Nederland is te klein. ” Jeroense zou zijn werk graag nog eens in de Amerikaanse Vogue geplaatst zien, maar eerst is de eer aan de etalage van het Athenaeum Nieuwscentrum op het Spui en Colette in Parijs.
Verkrijgbaar bij het Athenaeum Nieuwscentrum; Euro 6,95

Eerder gepubliceerd op 15 januari 2008 in Het Parool (PS Stijl)

 

Gerelateerde artikelen:

, , , , ,